Jezelf kwijt zijn: als je vooral nog leeft vanuit rollen die ooit bij je pasten

Je kunt jezelf kwijt zijn zonder dat je leven zichtbaar uit elkaar valt.

Je gaat naar je werk, regelt wat geregeld moet worden en bent er voor de mensen om je heen. Je neemt verantwoordelijkheid, lost problemen op en doet waarschijnlijk veel dingen gewoon goed.

En toch kan er ergens een gevoel ontstaan dat moeilijk precies uit te leggen is.

Je leven gaat door, maar je herkent jezelf er steeds minder in.

Waar ben ík eigenlijk gebleven in mijn eigen leven?

Dat hoeft niet te betekenen dat je niet meer weet wie je bent. Misschien weet je juist heel goed wie je jarenlang bent geweest.

De vraag is alleen of alles wat daar ooit bij hoorde nog steeds even goed bij je past.

Jezelf kwijt zijn is niet hetzelfde als niet weten wie je bent

Bij jezelf kwijt zijn kun je denken aan een soort identiteitscrisis. Alsof je helemaal niet meer weet wie je bent of waar je voor staat.

Maar zo hoeft het niet te voelen.

Je kunt prima weten wat je belangrijk vindt en toch merken dat daar in je dagelijks leven weinig ruimte voor overblijft.

Je kunt weten waar je goed in bent, maar steeds minder voelen of je het nog graag doet.

En je kunt precies weten waar je verantwoordelijk voor bent, terwijl het moeilijker wordt om te herkennen wat je zelf nodig hebt.

Soms zit het dus niet in een gebrek aan zelfkennis.

Een groot deel van je leven kan zo vanzelfsprekend zijn geworden dat je nauwelijks nog merkt welke keuzes je bewust maakt en welke je vooral blijft herhalen.

Je doet wat nodig is, wat logisch voelt en wat je goed kunt.

En juist daardoor kan het lastiger worden om te horen wat daaronder gebeurt.

Rollen kunnen ongemerkt groter worden

Iedereen heeft rollen.

Je bent misschien partner, ouder, ondernemer, werknemer, vriend, dochter of zoon.

Misschien ben jij degene die thuis overzicht houdt. Degene op wie mensen kunnen rekenen. Degene die sterk blijft als het ingewikkeld wordt of steeds weer een oplossing vindt.

Daar is op zichzelf niets mis mee. Veel van die rollen kunnen belangrijk, waardevol en bewust gekozen zijn.

Maar een rol kan langzaam groter worden.

Niet omdat iemand je dat expliciet oplegt, maar omdat je er goed in bent, anderen erop gaan rekenen en jij eraan gewend raakt.

Op een gegeven moment kan het moeilijk worden om te zien waar die rol ophoudt en jij begint.

Ben ik nog mezelf, of ben ik vooral goed geworden in de rollen die ik vervul?

Als jij altijd degene bent die verantwoordelijkheid neemt, kan minder verantwoordelijkheid nemen bijna voelen alsof je een deel van jezelf opgeeft.

Als je altijd sterk bent geweest, kan ruimte maken voor twijfel ongemakkelijk worden.

En wanneer zorgen voor anderen lang belangrijk voor je is geweest, kan aandacht voor jezelf egoïstischer voelen dan het werkelijk is.

Zo kunnen rollen die ooit goed bij je pasten steeds bepalender worden voor hoe je leeft.

Functioneren is niet hetzelfde als passen

Je kunt ergens heel goed in functioneren en toch voelen dat het niet meer volledig bij je past.

Je kunt succesvol zijn in werk waar je steeds minder plezier uit haalt.

Betrouwbaar zijn in een rol die te veel van je vraagt.

Of jarenlang een verantwoordelijkheid dragen en daar ook waardering voor krijgen.

Dat betekent nog niet automatisch dat je ermee door moet blijven gaan op precies dezelfde manier.

We verwarren kunnen soms met willen.

Omdat je iets aankunt, lijkt het logisch dat je het blijft doen. Omdat je ergens goed in bent, lijkt het vanzelfsprekend dat het bij je hoort.

En als anderen je al jaren op een bepaalde manier kennen, kun je jezelf ook steeds meer door diezelfde bril gaan bekijken.

Maar functioneren vertelt vooral dat je iets kunt dragen.

Niet altijd dat het nog bij je past.

Wat vroeger logisch was, hoeft nu niet verkeerd te zijn

Wanneer je ontdekt dat iets niet meer past, kan snel de gedachte ontstaan:

Heb ik het dan al die tijd verkeerd gedaan?

Dat hoeft helemaal niet.

Een keuze kan vroeger goed zijn geweest en nu minder goed passen.

Een rol kan jarenlang precies zijn geweest wat jij of je omgeving nodig had. Een manier van leven kan je veel gebracht hebben en toch op een gegeven moment gaan knellen.

Mensen veranderen. Omstandigheden veranderen. Andere dingen worden belangrijk.

Soms ontdek je pas later hoeveel ruimte een bepaald deel van je leven heeft ingenomen.

Dat maakt het verleden niet fout.

Het betekent alleen dat je opnieuw mag kijken naar wat nu klopt.

Je hoeft eerdere versies van jezelf niet af te wijzen om te mogen veranderen.

Misschien hoef je jezelf niet terug te vinden

De uitdrukking jezelf terugvinden klinkt logisch wanneer je het gevoel hebt dat je jezelf kwijt bent.

Maar er zit ook een aanname in: alsof ergens een eerdere, echte versie van jou ligt waar je naar terug moet.

Misschien was je twintig jaar geleden spontaner. Tien jaar geleden ambitieuzer. Vroeger zorgelozer.

Maar jij bent niet stil blijven staan terwijl je leven doorging.

Je hebt geleerd, keuzes gemaakt, verantwoordelijkheid gedragen, verlies gekend, successen gehad en dingen anders leren zien.

Waarom zou het doel dan zijn om terug te keren naar wie je vroeger was?

Misschien ben ik mezelf niet kwijt. Misschien hoor ik mezelf alleen minder goed.

Dat verandert de vraag.

Niet:

Hoe word ik weer wie ik vroeger was?

Maar:

Wat is nog steeds van mij, wat is veranderd en wat vraagt nu opnieuw om ruimte?

Wat is nog van jou?

Wanneer veel in je leven vanzelfsprekend is geworden, is het niet altijd eenvoudig om direct te voelen wat nog echt van jou is.

Dat hoeft ook niet.

Soms begint het kleiner.

Waar word je vanzelf nieuwsgierig van?

Wanneer voel je ruimte in plaats van alleen plicht?

Welke activiteiten, gesprekken of mensen geven je energie?

Wat blijft terugkomen, ook al schuif je het steeds opzij?

En wat doe je vooral omdat het inmiddels jouw taak is geworden?

Het zijn geen vragen waarmee je in één middag je hele leven hoeft uit te pluizen.

Ze kunnen wel helpen om weer verschil te zien.

Tussen iets wat je bewust kiest en iets wat vanzelfsprekend is geworden.

Tussen verantwoordelijkheid die je graag draagt en verantwoordelijkheid die te groot is geworden.

Tussen wie je bent en alles wat je doet.

Daarmee verschijnt niet meteen een compleet nieuw beeld van jezelf.

Maar misschien hoor je jezelf weer wat duidelijker.

Je hoeft niet alles van je af te schudden

Als je jezelf kwijt voelt, kun je gaan denken dat er veel moet verdwijnen.

Minder verplichtingen. Ander werk. Andere mensen. Een totaal ander leven.

Soms is verandering nodig.

Maar opnieuw dichter bij jezelf komen hoeft niet te betekenen dat je alles wat je hebt opgebouwd moet afbreken.

Misschien wil je veel juist behouden: je relatie, je gezin, je werk of verantwoordelijkheden waar je bewust voor hebt gekozen.

De vraag is niet automatisch wat weg moet.

De vraag is welke delen nog passen zoals ze nu zijn ingericht en waar iets opnieuw bekeken mag worden.

Soms zit het verschil niet in een compleet ander leven.

Maar in meer ruimte binnen het leven dat er al is.

Veranderen zonder jezelf af te wijzen

Er zit iets belangrijks in kunnen zeggen:

Dit past niet meer helemaal bij mij.

Zonder daar meteen achteraan te hoeven zeggen:

Dus ik heb het verkeerd gedaan.

Je mag veranderen zonder je eerdere keuzes te veroordelen.

Je mag anders naar verantwoordelijkheid kijken zonder te ontkennen dat die ooit belangrijk was.

Je mag nieuwe behoeften hebben zonder dat je vroegere behoeften daardoor minder echt waren.

En je mag ergens uit groeien zonder ondankbaar te zijn voor wat het je heeft gebracht.

Misschien hoef ik niet terug naar wie ik was. Misschien moet ik opnieuw herkennen wat nu van mij is.

Dat vind ik uiteindelijk interessanter dan zoeken naar één ware versie van jezelf.

Niet terug naar vroeger.

Wel opnieuw aandacht krijgen voor wat in jou veranderd is, wat belangrijk is gebleven en waar je misschien al langere tijd minder naar luistert.

Als je vooral nog functioneert

Soms ontstaat vanzelf weer meer helderheid wanneer je hier tijd voor maakt.

En soms zijn rollen, gewoontes, verantwoordelijkheden en je eigen behoeften zo met elkaar verweven geraakt dat je moeilijk nog onderscheid ziet.

Een gesprek kan dan helpen om die verschillende lagen uit elkaar te halen.

Niet om te bepalen wie jij werkelijk zou moeten zijn.

Maar om te onderzoeken wat nog bij je past, wat je bewust wilt behouden en waar opnieuw ruimte voor mag ontstaan.

Bij persoonlijke coaching kijk ik daarom niet alleen naar wat er niet goed voelt. We onderzoeken ook hoe je leven zo geworden is, wat daarin waardevol is en waar jijzelf misschien steeds minder hoorbaar bent geworden.

Je kunt ook lezen hoe ik werk wanneer verschillende delen van je leven met elkaar verweven zijn geraakt.

Je hoeft jezelf niet eerst teruggevonden te hebben voordat je daarover kunt praten.

Soms begint het juist met erkennen dat je jezelf onderweg wat minder bent gaan horen.

Warme groet,

Ferry